een kleine en gezellige groep enthousiaste Twentse kanoërs...
Onderkoeling (ook wel hypothermie) is een toestand waarbij de centrale lichaamstemperatuur (de hoogste temperatuur midden in de romp) van het slachtoffer zover is gedaald dat de normale stofwisseling in gevaar komt. De lichaamstemperatuur varieert bij normale gezonde mensen tussen ongeveer 37,5°C (soms hoger bij inspanning) tot 35,5°C, of nog wel eens wat lager, vroeg in de morgen tijdens de slaap. Onderkoeling begint als de lichaamstemperatuur zakt tot onder de 35°C. Als de lichaamstemperatuur onder de 32°C zakt, wordt de situatie kritiek en kan uiteindelijk dodelijk verlopen. Lichaamstemperaturen onder de 27°C zijn zonder medisch ingrijpen bijna altijd dodelijk, hoewel er gevallen bekend zijn waarbij een lichaamstemperatuur van 14°C werd overleefd.
Door onderkoeling is het soms mogelijk om verdrinking in zeer koud water te overleven. Het slachtoffer verliest het bewustzijn en de hartslag (bloedsomloop) stopt. Het slachtoffer lijkt klinisch dood. Door de kou van het water raken de hersenen echter nog niet zo snel irreversibel beschadigd als bij normale temperatuur, vooral bij kleine kinderen die door hun relatief grote lichaamsoppervlak veel sneller afkoelen dan volwassenen. Alle andere organen kunnen een langere periode van circulatiestilstand allemaal beter overleven dan de hersenen. In sommige gevallen is het nog mogelijk gebleken dergelijke slachtoffers te reanimeren. Daarom wordt er bij levenloze en tevens onderkoelde slachtoffers wel eens gezegd "Iemand is pas dood als hij warm is en (nog steeds) dood".
Er zijn ruwweg twee soorten onderkoeling te onderscheiden, acute en chronische.
Acute onderkoeling is het gevaarlijkste; de lichaamstemperatuur zakt snel, vaak binnen seconden of minuten als een slachtoffer door het ijs (van een bevroren meer) zakt. Chronische onderkoeling vindt plaats als het lichaam over langere tijd onderkoeld raakt. Iemand die te water raakt in ijskoud water zal in het algemeen binnen enkele minuten te koud zijn om zelf nog actief te kunnen zwemmen. Ook iemand die zelfs in Nederlands binnenwater bij niet-zomerse temperaturen te water raakt (zeilers, kanoërs!) kan snel zover afkoelen dat zwemmen onmogelijk wordt.
In de praktijk is onderkoeling het makkelijkst vast te stellen aan de hand van de situatie waarin het slachtoffer verkeert: bij iemand die in koud water heeft gelegen, door het ijs is gezakt, in een sneeuwstorm is verdwaald of in de koude regen en wind heeft verkeerd, vooral bij harde wind, koud weer of in de bergen, zal men op de mogelijkheid bedacht zijn.
Als iemand continu een opvallend lage lichaamstemperatuur heeft zonder daarbij duidelijk ziek te zijn moet worden gedacht aan een te traag werkende schildklier als mogelijke oorzaak.
Naast onderkoeling kan er ook sprake zijn van bevriezing, waarbij ledematen zo koud zijn geworden dat er ijsvorming in de cellen is opgetreden. Dit is een ander probleem met zijn eigen specifieke oorzaken en behandeling.
Door de lichaamstemperatuur van het slachtoffer te laten stijgen.
Niet doen:
Onderkoeling zorgt er o.a. voor dat het hart zeer "prikkelbaar" wordt. De onderkoeling kan fibrillatie (onsamenhangend kloppen) van het hart tot gevolg hebben, waardoor het bloed niet (genoeg) rondgepompt wordt. Dit is door een EHBO-er niet te beïnvloeden anders dan door de kans erop te verkleinen door het slachtoffer op te warmen. Als het optreedt is defibrillatie nodig. Er wordt beweerd dat de kans op fibrillatie kleiner is als sterk onderkoelde mensen voorzichtig worden gehanteerd.
Onderkoeling kan in koude omgevingen mede voorkomen worden door het hoofd af te dekken (met een muts/pet) omdat (bij geklede personen) relatief veel warmte via het hoofd verloren gaat. Het spreekt voor zich dat je je kleding moet aanpassen op de omstandigheden. Vochtopnemende kleding is een risicofactor, omdat hier zweet in trekt, wat daarna afkoelt, of natuurlijk koud water opneemt in het geval het slachtoffer te water raakt. Het is echter wel beter gekleed in koud water te liggen dan naakt - isolerende kleren isoleren ook onder water enigszins, al maken ze zwemmen lastiger. Vochtafstotende of sneldrogende kleding is op het land het beste. Meer lagen dunne kleding is beter dan 1 dikke trui. Voor watersporters is een zwemvest altijd aan te raden - wie te koud is kan niet meer zwemmen, ongeacht het aantal behaalde zwemdiploma's. Bedenk dat afkoeling in water 30 keer zo snel gaat als in lucht, trek een wetsuit of overlevingspak aan als er een kans is te water te raken.